De Home Assistant BACnet-integratie configureren
Klik na de installatie op Configure op de integratiekaart. Er opent een menu met drie onderdelen. Wijzigingen werken direct: de integratie laadt zichzelf opnieuw.

- Settings: COV, polling, naamgeving en gebruiksstatistieken.
- Rescan device: objecten toevoegen of verwijderen. Zie Rescan device.
- Customize objects: instellingen per object. Zie Customize objects.
Settings

| Optie | Wat het doet | Standaard |
|---|---|---|
| Enable COV | Gebruik Change of Value-abonnementen voor realtime updates. Het apparaat stuurt een bericht als een waarde verandert, in plaats van te wachten op de volgende poll. Present values gebruiken de standaardservice SubscribeCOV, die vrijwel alle controllers ondersteunen. | Aan |
| COV increment | Minimale waardeverandering voordat een COV-melding wordt verstuurd (alleen analoge objecten). 0 gebruikt de standaardwaarde van het apparaat. | 0 |
| Polling interval | Hoe vaak alle objecten worden gepolld, in seconden (minimaal 10). Polling draait altijd; COV zorgt alleen voor snellere updates ertussen. | 30 |
| Use description | Noem entiteiten naar de BACnet-description (property 28) in plaats van objectName. | Uit |
| Live metadata properties | Per property (object_name, description, units) kiezen voor een live push-update. Zie Live metadata properties. | Geen |
| Share usage statistics | Stuurt elke 6 uur de fabrikant, het model, de firmware en een paar aantallen van dit apparaat. Zie Privacy en gebruiksstatistieken. | Uit |
Als een apparaat geen COV ondersteunt, of een abonnement mislukt, neemt polling het over voor dat object. Daarvoor hoef je niets in te stellen.
Let op: Als je COV increment boven
0zet, wordt de waarde geschreven naar de propertycovIncrementvan elk geïmporteerd analoog object (met COV) waarvan de waarde op het apparaat afwijkt. Dit is de enige instelling waarmee de integratie iets schrijft zonder dat je een entiteit bedient. De standaardwaarde0laat de waarde op het apparaat met rust.
Live metadata properties
Standaard worden wijzigingen in de metadata van een object op het apparaat (objectName, description, units, stateText, limieten) binnen ongeveer een uur opgepikt, of sneller als het object actief COV-verkeer heeft. De knop Refresh object metadata (onder Configuration op de apparaatpagina) controleert direct.
Wil je zulke wijzigingen meteen zien, schakel dan een of meer properties in onder Live metadata properties. Dit gebruikt de BACnet-service SubscribeCOVProperty om op het moment van wijziging een push te krijgen. Houd er rekening mee:
- Het is een apart COV-abonnement per property, per object. Drie properties op 20 objecten zijn 60 abonnementen bovenop de 20 voor live waarden. Veel apparaten staan er veel minder toe.
- Niet elk apparaat ondersteunt het. Niet-ondersteunde properties of apparaten vallen zonder foutmelding terug op het periodiek opnieuw lezen.
Rescan device

Leest de objectlijst van het apparaat opnieuw, zodat je objecten kunt toevoegen of verwijderen. De pagina heeft drie velden, alle standaard leeg:
- Objects to add: nog niet geïmporteerde objecten, gemarkeerd met NEW.
- Add all objects of these types: met het aantal objecten per type.
- Objects to remove: geïmporteerde objecten om te verwijderen.
Beide objectvelden zijn doorzoekbaar op afkorting (AI, BO 3), instance of naam. Verzenden zonder wijzigingen behoudt de huidige selectie; objecten die het apparaat niet meer heeft, worden verwijderd. Instellingen van verwijderde objecten worden onthouden en komen terug als je het object opnieuw toevoegt. Daarna volgt Customize objects, zodat nieuwe objecten meteen kunnen worden ingesteld.
Customize objects


Deze pagina heeft een doorzoekbare lijst met je objecten. Kies de objecten die je wilt wijzigen; objecten met een eigen instelling zijn al gekozen. De volgende pagina toont, alleen voor die objecten:
- type: het Home Assistant-entiteitstype:
sensor,binary_sensor,switch,number,climate, ofselectvoor multi-state objecten. - COV: gebruik COV voor dit object, ongeacht de apparaatbrede instelling Enable COV.
- temperature sensor (alleen climate-objecten): het object dat de kamertemperatuur levert. Zie Climate.
- extra properties: andere properties van het object die als eigen entiteit worden getoond. Zie Extra properties.
- other properties: elke andere property, getypt op naam (
inactiveText) of nummer, gescheiden door komma's. Dit worden alleen-lezen sensoren. - state class (analoge objecten die als sensor of number worden getoond; geldt zodra het type
sensoris): hoe Home Assistant langetermijnstatistieken bijhoudt. Automatic geeft Measurement, of Total increasing voor energie- (J, kJ, MJ, Wh, kWh, MWh) en volume-objecten (mL, L, m³, ft³, gal), zodat meters in het Energy-dashboard werken. Kies Measurement voor een waarde die geen teller is, zoals een tankniveau in m³ of een energietotaal van "vorige maand". Total is voor een meter die ook kan dalen. None zet statistieken uit. - meter type (analoge objecten in een volume-eenheid: mL, L, m³, ft³, gal): met Water meter of Gas meter wordt de sensor een water- of gassensor, wat het Energy-dashboard nodig heeft voordat het hem aanbiedt. BACnet-eenheden kunnen water niet onderscheiden van gas of van een tankniveau, dus de standaard blijft een gewoon volume dat het Energy-dashboard niet toont. Debieten (L/h, m³/h, …) hebben geen instelling nodig.
Stap voor stap: Watermeter en Energiemeter. Het Energy-dashboard toont alleen sensoren. Een schrijfbare Analog Value is standaard een number, dus zet het type in dezelfde opslagactie op sensor.
Objecten die je niet kiest gebruiken de standaardwaarden, beschreven in Entiteiten en attributen.
Let op: Een Value-object is alleen een
switchofnumberals het commandable is. Versies vóór 1.0.47 konden bij het opslaan van de opties het verkeerde type bewaren. Als dat gebeurde, biedt een melding bij Repairs aan die objecten terug te zetten naar de standaardwaarden of ze te behouden. Behoud ze als je het type bewust hebt gekozen, bijvoorbeeld een Binary Value zonder Priority Array die toch schrijfacties accepteert.
Reconfigure
Om het lokale IP-adres, de poort, de BBMD-instellingen of het apparaatadres te wijzigen, open je het ⋮-menu van de integratie en kies je Reconfigure. Entiteiten, hun geschiedenis en alle opties blijven behouden, en de integratie laadt opnieuw met de nieuwe instellingen.
Apparaatinformatie
Tijdens de installatie leest de integratie de identiteit van het apparaat en toont die in het apparaatregister van Home Assistant:
- Manufacturer uit
vendorName(property 121) - Model uit
modelName(property 70) - Software version uit
applicationSoftwareVersion - Firmware version uit
firmwareRevision